U bent hier

Over ideologieën en andere theorieën

Het verschil tussen socialisme, communisme en andere scheldwoorden

Het opstappen van de heer Thijs bij overheidsbedrijf BPost blijft de gemoederen verhitten. De ene vindt de staatsinmenging een regelrechte schande, de andere kan maar niet begrijpen dat een verloning van €650.000 bruto per jaar - omgerekend een slordige €20.000 netto per maand - niet voldoende is om elke dag vrolijk naar het werk te gaan.

Vaak worden hierbij termen als communist en ultraliberaal gebruikt om de tegenpartij te beschuldigen van verraad tegenover de samenleving. De exacte betekenis van al deze begrippen durven we hierbij wel eens te vergeten.

Goed bedoeld

Laat ons vooral niet vergeten dat de meeste levensvisies ontsproten zijn met als doel de tot stand koming van een leefba(a)r(d)e(re) maatschappij. Zoals zo vaak gaat het hier dus niet over 'wie heeft gelijk', maar wel over 'wat kunnen we van elkaar leren'. Als persoon met een naar het schijnt nogal koppige ingesteldheid, is het niet altijd zo makkelijk een open geest te behouden.

Daarnaast gaan we er met z'n allen veel te gemakkelijk van uit dat we de volledige betekenis van een woord kennen.

De aard van het beestje zegt dat de waarheid meestal ergens in het midden ligt. Met die gedachte in het achterhoofd en omdat een mens nooit te oud is om te leren, begin ik mijn zoektocht naar de betekenis van de belangrijkste stromingen en hun invloed op de huidige situatie.

Socialisme en kapitalisme

Volgens Wikipedia is het socialisme een maatschappijvorm gebaseerd op gelijkheid, sociale rechtvaardigheid en solidariteit, of de verzamelnaam voor een verscheidenheid aan politieke en ideologische stromingen die naar een dergelijke maatschappij streven. Kerngedachte binnen deze stromingen is dat het collectief, al dan niet belichaamd door de overheid/staat, de hoogste beslissingsbevoegdheid heeft over de verdeling van macht en goederen. Arbeiderszelfbestuur staat centraal bij verscheidene socialistische theorieën.

Het kapitalisme wordt dan weer beschreven als een economisch systeem dat gebaseerd is op investeringen van geld in de verwachting winst te maken. De productiemiddelen zijn meestal in privaat eigendom van een producent die daarbij veelal gebruikmaakt van loonarbeid om meerwaarde te creëren. Geld en kapitaalaccumulatie hebben hierbij de primaire rol overgenomen van de behoeftebevrediging in het economische proces.

Andere bronnen, zoals Infoplease benadrukken het verschil tussen socialisme en kapitalisme waarbij het eerste streeft naar samenwerking en sociale voorzieningen en het tweede naar concurrentie en winst.

In ons land zijn de sociale rechten ingeschreven in het wetboek. Gelijkheid is hierbij het basisprincipe. Verworvenheden als het algemeen enkelvoudig stemrecht lijken vanzelfsprekend, maar dateert van 1918 (vrouwelijk stemrecht zelfs pas van 1948). Daarnaast staat onze nationale leuze Eendracht maakt macht niet alleen symbool voor de twee landsgedeeltes, maar kan het ook geïnterpreteerd worden als een verwijzing naar het belang van het collectief. Om maar te zeggen dat de fundamenten voor sociale gelijkheid ingekapseld zijn in ons systeem.

De definitie van kapitalisme stelt dat geld wél gelukkig maakt dmv. behoeftebevrediging. Zonder hier te diep op in te gaan, kunnen we stellen dat geld minstens in de materiële middelen tot geluk kàn voorzien. Het zijn de investeringen die vanuit een kapitalistische visie gestuwd werden en nog steeds worden die hebben geleid tot onze welvaart.

We zijn dus met z'n allen kapitalistische socialisten. Het is maar dat u het weet.

Socialisme en communisme

Communisme is een sociale, politieke en economische ideologie die is gericht op de oprichting van een klasseloze, staatloze en socialistische samenleving opgebouwd op gemeenschappelijk eigendom van de productiemiddelen, waarbij iedereen produceert naar vermogen en neemt naar behoefte - Wikipedia.

Bij alle omschrijvingen van dit gedachtengoed - zoals bijvoorbeeld bij Oxforddictionaries - komt het gemeenschappelijke eigendom op de eerste plaats.

Communisme gaat dus nog een stap verder dan socialisme: de staat dient te verdwijnen en de macht - in dit geval de productiemiddelen - zou in handen van de arbeiders terecht moeten komen. Socialisme wordt dan ook vaak gezien als opstapje vanuit het kapitalisme richting communisme.

Doorheen de geschiedenis zijn de verschillende experimenten om tot een communistisch systeem te komen, jammerlijk mislukt. De weg naar de heilige graal ligt bezaaid met machthebbers die van geen wijken willen weten. Een zogezegd communistisch regime draait meestal uit op een dictatoriaat waarbij alleen het economisch aspect een factor ter verantwoording van de naam is.

Zowel de Sovjet-Unie, China en Cuba misbruikten met andere woorden het communisme om tot een totalitair regime te komen. Dit doet echter geen afbreuk aan de oorspronkelijke betekenis. Een betekenis die in de huidige ontwikkelingsfase van de homo sapiens niet uit te voeren valt, maar wie weet op lange termijn deel kan uitmaken van dé oplossing - zolang het belang van het individu niet vergeten wordt.

We zijn dus met z'n allen kapitalistische socialisten. Het is maar dat u het weet.

Liberalisme, neoliberalisme en vrije markt

In de 20e eeuw groeide de Verenigde Staten van Amerika door hun liberale aanpak uit tot de grootste speler op mondiaal vlak. Het liberale gedachtengoed heeft volgens Wikipedia als uitgangspunt zo veel mogelijk vrijheid van het individu zolang hij de vrijheid van anderen niet beperkt. Liberalen streven naar een samenleving waarin burgers grote vrijheden genieten, zoals de burgerrechten die het individu beschermen en de macht van de staat en de kerk beperken. Ook streeft het liberalisme naar een vrije markt waarin de overheid zich terughoudend opstelt. Ander speerpunt van het liberalisme is de scheiding van kerk en staat.

Ook de Encyclopedia Britannica benadrukt het belang van het individu met een overheid als noodzakelijk kwaad.

Het verschil met neoliberalisme is het streven naar een gereguleerde markt, waarbij marktinvloeden gecombineerd worden met overheidsinvloeden en lijkt daarin op sociaalliberalisme.

Grappig hierbij is dat de term vooral op negatieve wijze gehanteerd of als 'politiek scheldwoord', waarbij onduidelijk blijft wat er exact mee bedoeld wordt. De term wordt daarnaast ook vaak op negatieve (foutieve) wijze gebruikt door mensen die zich tegen vrije markten keren.

Typisch aan liberalen is het streven naar een vrije markt waarin prijzen door vraag en aanbod tot stand komen. Alle economische besluiten en acties door individuen betreffende overdracht van geld, goederen en diensten zijn in een vrije markt vrijwillig, dus verstoken van dwang en diefstal (sommige definities van "dwang" zijn inclusief "diefstal"). Een vrijemarkteconomie is een zogenaamde bottom-up economie. De consument onder aan een denkbeeldige piramide bepaalt grotendeels de economie door producten of diensten wel of niet af te nemen bij een verkoper.

De vrije markt bepaalt dus waarin ons kapitalistisch systeem investeert. Door de inmenging van vadertje staat mogen we in ons land spreken van een kapitalistisch socialistisch neoliberalisme gekoppeld aan een bijna vrije markteconomie.

Ook grappig is de website http://www.communisme.be/. U begrijpt meteen waarom.

Tirades

Wanneer u volgende keer wil overgaan tot de gebruikelijke scheldtirades tegenover de persoon die er andere mening op nahoudt, probeer dan eerst even te luisteren naar wat de boodschap écht inhoudt. Wie weet steekt u er nog iets van op of - godbetert - dient u uw menig achteraf bij te stellen.

Bronnen: Wikipedia - Infoplease.com - Oxforddictionaries - Encyclopedia Britannica