U bent hier

Ochtendgloren

De verloren strijd

Nee, ik ben geen ochtendmens. De collega's uit mijn eerste werkjaren zullen het zich nog levendig herinneren: Als hij binnenkomt, zoveel mogelijk vermijden en eerst een sloot koffie naar binnen laten werken.

Dit was eigenlijk niet zo vanzelfsprekend. Als helpdeskmedewerker word je verondersteld vanaf minuut één opgewekt, professioneel en to-the-point te zijn. Dat laatste was geen probleem, alleen vermoed ik dat de sarcastische ondertoon niet altijd in goede aarde is gevallen. Zeker als je meteen weer iemand moet uitleggen waarom de lampjes boven het numerieke klavier wel degelijk invloed uitoefenen op het al dan niet correct invullen van het paswoord. Dit alles om alleen maar te zeggen: nee, ik ben geen ochtendmens.

Schattige, guitige wezentjes

Enkele jaren en heel wat ervaringen later, blijft dit één van de weinige constanten. Al zijn er nu een aantal kleine, op het eerste zicht schattige en guitige wezentjes die in het leven staan met als primaire taak het herprogrammeren van de grote meneer zijn geconditioneerde brein. Vijf en zes zijn ze en elke dag (toegegeven, één week op twee, maar dat is een onderwerp waar ik op een andere keer wat van uw tijd mee kan verdoen) vanaf half zeven, wat in mijn wereld het midden van de nacht is, werken ze met een aan krankzinnigheid grenzende onverzettelijkheid verder aan hun levenswerk. Het uur is geen ondoordachte keuze. 7u10, wat nog steeds onvoorstelbaar vroeg is, is het moment dat onze dag onder normale omstandigheden begint. 40 minuten is te weinig om nog echt te slapen en te veel om al echt op te staan, al geldt dat laatste ook voor één minuut. Dat gaat dan een beetje als volgt.

Piep?

Pieeeeeeeep [in de verte gaat er een deur open die blijkbaar dringend wat olie nodig heeft. Aangezien de grote Winnetoe graag de controle over z'n welpjes houdt, zit dit noodzakelijke onderhoud er voorlopig niet in]
trippel trippel trippel
Pieep [de tweede deur is wat minder onderhevig aan de tand des tijds...]
"Papa?" [fluistertoon]
"rrmmmbbbllll" [kwijl komt uit één van de twee mondhoeken, afhankelijk van de positionering van het hoofd van de grote Winnetoe tegenover het betreffende hoofdkussen]
"Ben jij wakker?" [Dit is een retorische vraag, al beseft een 6-jarige dit nog niet. Desondanks en als wijze les naar de toekomst, antwoordt de grote Winnetoe niet]
"..."
"Wanneer gaan we opstaan?"

Alarm!

Dit is het ogenblik dat er ergens vanachter in je brein een alarm afgaat. Alle voorgaande stappen worden vrij onbewust genomen, maar het woord "opstaan" zorgt voor het plotse besef dat je niet lang meer in je favoriete meubel, of tot welke groep van huishoudelijke spullen een bed ook behoort, kan/zal/mag verblijven.
Ondanks dit besef en het daarbij gepaard gaande opstarten van de grijze massa, is het antwoord telkens weer hetzelfde:
"Sebiet" [voor zij die onbekend zijn met het plaatselijke dialect, vertaal ik dit even naar gewone mensentaal: "Laat mij nu nog even met rust, hier is een stuk deken en mijn hoofdkussen (omgedraaid, voor de reden, zie hierboven), papa wil nog even slapen]

Gemiddeld genomen 217 seconden later:
"Papa? Mag ik de boze vogels op je GSM spelen?" [De pogingen worden gedurfder. Wachten op een antwoord op de eerste vraag gebeurt niet meer en er wordt niet alleen mondelinge respons, maar effectieve actie verwacht]
"Nee"
"Please, papa van de hele wereld!?" [Dit is een zinnetje dat de grote Winnetoe zelf in het leven heeft geroepen om de deugd die volwassenen wel eens beleefdheid noemen te oefenen. Het woordje "allerliefste" wordt hier echter, om de emotionele ondertoon en de jonge leeftijd wat extra te beklemtonen, weggelaten. Ook al om aan te duiden dat de lieve kindertjes best wel luisteren naar papa, maar toch ook weer niet helemaal.]
"..." [Grabbelt met één hand richting plek waar het kleinnood zich zou moeten bevinden. Om misverstanden te vermijden: hier wordt dus de gsm bedoeld. Het brein van de grote Winnetoe geeft zich echter niet zo maar gewonnen en probeert, ondanks tegenwerking vanuit de innerlijke aard van het beestje, weerwerk te bieden tegen dit laffe gedrag]
"Nee schat, slaap nu nog even, we moeten zo meteen toch opstaan"
"Maar papa, mag ik dan geen foto's nemen met je GSM, als we toch bijna moeten opstaan? Ik zal stil zijn hoor!"
Pieeeeeeeeeeeeep [in de nog verdere verte gaat er een derde deur open. Het hek is nu volledig van de dam]

If you can't beat them...

Het is een eindeloze strijd, waarvan de uitslag op voorhand vast staat. Buiten een behandeling die sinds de middeleeuwen niet meer gezien is en waartegen er ondertussen een aantal wetten bestaan, is er geen kruid opgewassen tegen deze plaag. Overal te lande voel en zie je de afgrijselijke werkelijkheid: de ochtendstond heeft goud, of toch 2 kleine bengeltjes, in de mond.

Geef mij toch maar koffie.