U bent hier

De modernisering van koning voetbal

Stapje voor stapje

De mens is een raar beestje. Een voetbalsupporter is daar een perfect, zij het extreem voorbeeld van. Alle logica wordt overboord gegooid wanneer het gaat om iemands favoriete club. Boekhouders, electriciens, kapsters en zakenvrouwen: op slag verliezen ze hun weldenkend vermogen bij de eerste hint van kritiek op de liefdevolle kleuren.

Niets aan de hand

Aangezien ik een weliswaar bovengemiddeld knappe, maar toch ook gewone en nederige mens ben, verschil ik hierin niet van de door moeder natuur minderbedeelden onder ons. Geel en rood zijn mìjn kleuren, zingen blijf ik doen tot ik dood ga en Michel is van ons (olé olé). Tot zover niets aan de hand, zal u zeggen, zeker wanneer u in staat zou zijn onze onvermijdelijke discussies naast het veld te aanhoren.

Discussies die er altijd geweest zijn: de geestdrift van de Bert D'Hondt, de gracieuze bewegingen van Julien Gorius of de absolute klasse van Klas Ingesson aangevuld door laatdunkende uitlatingen over de man in het zwart, wiens naam meestal eindigde op -on of -eau. 's Avonds konden we, op het toenmalige BRT(N), naar sportweekend kijken. Voor zij die het vorige millennium alleen kennen van horen zeggen: het betrof hier een écht sportprogramma dat veelal volledig bestond uit wedstrijdbeelden, hier en daar aangevuld met een klein interview. Dat er af en toe belangrijke fases, zoals doelpunten, niet konden getoond worden wegens het wisselen van een band, namen we er voor lief bij. Daarnaast is het ook het programma dat er voor gezorgd heeft dat doelpunten uit die tijd op Staaien (van de thuisploeg) nog steeds legendarisch zijn. Op hetzelfde veld heeft Frank Leen trouwens zijn allermooiste goal ooit gemaakt.

VTM - VRT

Wie tegenwoordig af en toe een aflevering van 'Stadion' meepikt, is getuige van diepte-interviews, terugschakelen naar lege stadions en lyrische commentaren bij acties die de doorwinterde voetbalfan zelfs bij de preminiemen van Veldwezelt, met het risico de kleine dutskes te onderschatten, wekelijks kan aanschouwen.

Daarnaast is er ook 'Extra Time', waarin de wekelijkse kijk op de week, hoewel zeer vermakelijk, steeds wordt overschaduwd door de analyse van het Belgische scheidsrechtersgild. Elke dubieuze fase - of het nu buitenspel betreft, een al dan niet gefloten strafschop of een doodstackle die zelfs voor Axel Witsel een stap te ver is - elke fase wordt beeld voor beeld geanalyseerd door een, voor 40% professioneel, 40% entertainend en 40% raaskallend*, panel der wijzen. Entertainment noemt men zoiets en, toegegeven, vermakelijk is het wel. Zeker wanneer de heren in kwestie (ter zijde en misschien als hint naar onze feministische lezeressen, in al die jaren is er volgens mij nog nooit een vrouw te gast geweest) zelfs met alle hulp van de wereld het maar niet eens raken of het nu wel of geen fout was.

Wie tegenwoordig af en toe een aflevering van 'Stadion' meepikt, is getuige van diepte-interviews, terugschakelen naar lege stadions en lyrische commentaren bij acties die de doorwinterde voetbalfan zelfs bij de preminiemen van Veldwezelt, met het risico de kleine dutskes te onderschatten, wekelijks kan aanschouwen.

Den arbiter é altaa gelaak

Dat stemt tot nadenken. Vaak gaan zo'n beslissingen en discussies om beslissende situaties - wel of geen rood, wel of geen buitenspel, wel of geen hands. Eén van de weinige lessen die ik heb onthouden uit mijn voetbalcarrière, was dat den arbiter altaa gelaak é, oek als em ongelaak é. Vrij vetaald wordt dit: de beslissing van de scheidsrechter is altijd juist, ook als ze fout is. Belangrijke kanttekening: we spreken hier over het gewestelijke en bijgevolg zowat laagste niveau mogelijk. Wedstrijden dus met scheidsrechters zònder assisten en tussen twee teams van 11 tot tandens toe met testosterron gevulde voormalige koorknapen. Die les was dus waarschijnlijk vooral bedoeld om ongelukken te vermijden, toch ze is nog steeds razend actueel.

Vaak wordt verwezen naar het internationale niveau van onze voormalige toparbiters. Wie de (vaak terechte) kritiek vanuit Nederland op Frank De Bleeckere af en toe heeft gehoord, kan alleen maar glimlachen om zoveel gewouwel. Kijken naar een verder verleden, heeft al helemaal geen zin. Beelden ontbreken voor een vergelijking ten gronde, een gebrek dat meteen aan de basis ligt van hét verschil met vroeger: respect. Als Alex Ponnet of één van zijn kompanen zei dat je acties niet op een voetbalveld thuishoorden, dan was dat zo. Punt andere lijn. De enige die dit tot nog toe in deze gemediatiseerde wereld heeft kunnen waarmaken, is Pierluigi Collina. Die had dan weer de natuur op zijn hand, of beter, op zijn ogen.

Charme

Om tot de kern van de zaak te komen. Wanneer je scheidsrechters vervangt door camera's, zijn lang niet alle problemen van het moderne voetbal opgelost. Wat meer is, de charme van het menselijke aspect in de beslissingsvorming van een wedstrijd, wordt helemaal teniet gedaan. Dat er onnoemelijk grote sommen geld op het spel staan, doet daarbij niet ter zake: Voetbal is een spel, een sport, waarbij meedoen nog altijd belangrijker is dan winnen. Voor wie dit naïef noemt, verwijs ik graag naar het seizoen 2002-2003 wat onze eigen club betreft of naar de bittere tranen die Carl Huybrechts in een nabij verleden waarschijnlijk heeft laten vloeien. Dan zwijg ik nog over de tientallen miljarden schuld die de Europese voetbaltoppers ondertussen hebben opgestapeld en die, ondanks alle mogelijke en goedbedoelde verklaringen, een schande zijn voor iedere werknemer die te horen krijgt dat morgen wel eens zijn of haar laatste werkdag zou kunnen zijn.

Daarom volgende oproep naar onze bondsmensen toe: in plaats van betere scheidsrechtersopleidingen te voorzien, is het misschien beter de heren voetballers en clubverantwoordelijken her op te voeden. Kritiek op een gele kaart na een doodtackle? 5 weken schorsing! In beroep? 10 weken schorsing! Of beter: beroep is niet meer mogelijk, buiten bij het opduiken van écht nieuw bewijsmateriaal. We zijn namelijk helemaal niet tégen vooruitgang, zoals het gebruik van televisiebeelden. We zijn voor een positieve aanpak die onze jeugd doet inzien dat 'zich laten vallen' net het omgekeerde is van wat je zou moeten doen op een voetbalveld (en daarbuiten). Een spuitbus gebruiken om de muur op de juiste afstand te houden, is echter op het groteske af en nogmaals een bewijs van het gezagsondermijnende gedrag tegenover de baas op het veld. Schaf meteen ook de belachelijke gele kaarten af omdat iemand 'te uitbundig viert'. De persoon in kwestie wordt al voldoende gestraft door zich onsterfelijk belachelijk te maken voor het nageslacht.

Eerste stap

De toon van een mogelijke modernisering zou met dergelijke beslissingen meteen zijn gezet. Een modernisering waarin de nadruk opnieuw op de sport en het sociale gebeuren komt te liggen en niet meer op het commerciële randgebeuren. Om te evolueren naar een wereld waarin scheidsrechters fouten mògen maken zodat ze een persoonlijkheid kunnen ontwikkelen, voetbalprogramma's effectief voetbal laten zien en dagen zonder voetbal tot de mogelijkheden behoren. Ik zou kunnen uitwijden over geschifte buitenspelregels, een opeenstapeling van wedstrijden en voetbalarena's die stilletjes aan allemaal op dezelfde vogelkooi gaan lijken. U, als weldenkend individu, behoeft naar alle waarschijnlijkheid echter geen verdere uitleg.

Je zou hopen dat we, nu we in de 21e eeuw zijn aanbeland, de nodige lessen hebben getrokken uit onze eigen fouten en die van onze illustere voorgangers. Dat we goede zaken trachten te behouden, misschien zelfs te perfectioneren en de slechte zaken proberen te veranderen. Driewerf helaas. De sport is een weerspiegeling van de maatschappij. De kans dat de golfbeweging die onze geschiedenis is, ons ooit als een tsunami zal inhalen en opslorpen, wordt met de dag groter. Om de mensheid een nieuwe poging te geven tot het vinden van het perfecte evenwicht waarvan ik overtuigd ben dat toekomstige generaties het gaan vinden, niet alleen in de voetballerij, maar ook ver daarbuiten.

* de 20% overlapping is het gevolg van de door de ene verguisde en door de andere aanbeden, maar in ieder geval onvolprezen Jan Boskamp.